Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 8 april 2021

D66 Maasdriel teleurgesteld in besluit KP4 naar Werkzaak

De gemeenteraad van Maasdriel heeft donderdag 8 april besloten de doelgroep vallend onder klantprofiel 4 op termijn onder begeleiding van Werkzaak Rivierenland te brengen. Ondanks grondig voorbereidend werk van ons commissielid Liesbeth Faas en de inbreng van ons raadslid Tom van Engelen hebben het amendement en de motie, die in prettige samenwerking met PvdA-GroenLinks tot stand zijn gekomen, het niet gehaald. De hoop is gevestigd op Zaltbommel en West Betuwe, die op een later moment nog besluiten over wat in onze ogen een beter proces zou zijn. Hieronder de inbreng van D66 Maasdriel, uitgesproken op donderdag 8 april 2021.

Voorzitter, het College vraagt aan de gemeenteraad van Maasdriel toestemming om de wijziging van Gemeenschappelijke Regeling Werkzaak Rivierenland 2021 vast te stellen. In deze toestemming zit verpakt dat wij akkoord gaan met de overgang van de doelgroep klantprofiel 4 naar Werkzaak. De begeleiding van deze doelgroep is nu nog lokaal geregeld. Laten wij heel helder zijn: op dit moment vindt D66 Maasdriel dit geen verstandig voornemen. Wij stellen dan ook voor, samen met andere partijen in deze raad, om dit voornemen uit te stellen totdat we een meer gefundeerd besluit kunnen nemen. Ons inziens is daarvan op dit moment geen sprake.

Vraagtekens

Allereerst zet D66 Maasdriel vraagtekens bij de betrokkenheid van cliëntenraden en adviesorganen bij dit proces, dat in heel Rivierenland doorlopen wordt. In West Maas en Waal lijkt het besluit genomen te zijn zonder de mensen te consulteren over wie het gaat. Dat lijkt ons niet de juiste werkwijze. De geluiden die wij horen klinken anders. En ondertussen zie ik adviesraden elkaar aanspreken op de ontvankelijkheid van hun adviezen en de validiteit ervan. Het is erg verwarrend.

Ten tweede, mensen in de doelgroep klantprofiel 4 hebben behoefte aan ondersteuning op het gebied van welzijn. Niet op het gebied van werk en inkomen. De cijfers tonen aan dat de doelgroep min of meer stabiel is, niet alleen in Maasdriel of de Bommelerwaard, maar in de hele regio. Tijdens een presentatie van de wethouder en haar team afgelopen donderdag kreeg ik sterk het gevoel dat de focus ligt op die paar mensen die zweven tussen KP4 en KP3. Door op hen te focussen, leggen we de overige mensen in de doelgroep iets op waarvoor men fysiek maar veel waarschijnlijker mentaal niet weerbaar genoeg is. Dat is geen verwijt aan deze mensen, het leven kronkelt vaker dan dat het een rechte lijn is. En die constatering moet een belofte inhouden dat wij je vrij laten, maar niet laten vallen. D66 maakt zich zorgen dat een overgang naar Werkzaak het zorgelement van onze lokale aanpak ondermijnt. Bij Werkzaak zal de focus op begeleiding naar werk liggen, dat is ook hun taak, maar die focus zal dus ook de kleur en smaak van de begeleiding door Arboartsen en psychologen bepalen.

Koorddansen

De wethouder heeft in de sessie van donderdag aangegeven dat zij geen gaten wil laten vallen voor mensen die tussen wal en schip raken. Dat zijn mooie woorden maar de wethouder weet nog niet hoe. Dus vanavond vraagt zij om het koord op te dansen met de boodschap dat zij dan even gaat kijken welk vangnet ze gaat ophangen. En of ze er ook wel geld voor krijgt, want dat was ook nog onzeker. Voorzitter, de rode lijn wordt zichtbaar: we bewandelen de omgekeerde weg. We moeten eerst uitzoeken of wat we van plan zijn, ook echt werkt. D66 wil rechtvaardigheid voor de mensen in klantprofiel 4. We mogen hen geen anonieme statistiek laten worden in Werkzaak.

De bijeenkomst donderdag met de wethouder bood de toehoorders rationele overwegingen. Laten we dan ook het amendement en de motie die vanavond dit agendapunt vergezellen op basis van ratio bekijken. Laten we de tijd nemen om het voornemen te evalueren en beter te onderbouwen. Die tijd is er, aangezien de stap beoogd is voor uitvoering vanaf 2025. We hebben toch geen haast? En als we wel haast hebben, mag ik dan weten waarom? Want dat is mij niet goed duidelijk. Ik vind het een goed gebruik om mijn paard voor de wagen te spannen als ik vooruit wil, niet er achter. Laten we de goede volgorde van dit proces erkennen; eerst onderbouwen, dan besluiten. We hebben positieve woorden gehoord, dat klopt, maar wat is erop tegen om zekerheid te hebben dat wat we besluiten ook het beste is voor een weerbarstige doelgroep? Werkt het voornemen bijvoorbeeld beter in stedelijk gebied dan in landelijk gebied? De instemmende gemeenten zoals Culemborg en Tiel lijken daarvan overtuigd, maar ik heb die vraag dus wel nog. Hoe dan ook, dat in de hele regio en vanuit diverse cliëntenraden alarmbellen klinken, vind ik een niet te negeren signaal. Laten we eerst bezinnen.

Inbreng vanuit de tweede termijn

    • Uit mijn rondgang langs partijcollega’s uit andere gemeenten in Rivierenland blijkt dat de doelgroep klantprofiel 4 stabiel. Er komen er weinig bij, en treden er weinig uit. Dus eigenlijk nemen we dit besluit voor een heel beperkt groepje mensen, zoals ik in mijn eerste termijn al zei, die mensen die zweven tussen KP4 en KP3. Maar de heer Van Dijk (CDA) erkent dus ook de nadelen, mailtjes die een gevoel van dwang geven, en hij zegt dan ook: we moeten dit goed inrichten. En alles wat ik hem en alle raadsleden dan vraag is: laten we dan inrichten en dan besluiten. Zodat het huis staat.
    • D66 wil mensen inderdaad laten deelnemen aan de samenleving, heer Van Dijk. Maar vanuit een omgeving van veiligheid, een omgeving van welzijn, niet vanuit een omgeving die focust op begeleiding naar werk.
    • Cliëntenraad Werkzaak oordeelt over iets waar zij NU nog niet over gaan. Want KP4 is nog niet overgedragen, toch? In dat geval is het mijn oordeel dat de lokale cliëntenraad over dit voornemen gaat, niet de Cliëntenraad Werkzaak. De discussie heeft inderdaad heel veel ruis veroorzaakt, daar heeft de wethouder gelijk. Ik betreur dat het zo liep en ik deel de zorg over het functioneren van de diverse adviesorganen binnen de regio. Daar moet aandacht voor komen.

Voorzitter, ik sluit af. Bij D66 leeft domweg het idee dat we iets gaan repareren waarvan we niet eens weten of het wel echt kapot is. De wethouder heeft vorige week tijdens de ingelaste bijeenkomst geschermd met het uitgeputte mantra ‘Feitelijk gaat u hier niet over, u bent kader stellend’. Daarmee kunnen wij geen genoegen nemen. Het besluit maakt veel los in de hele regio en dan wordt er beroep gedaan op onze functie als volksvertegenwoordiger. Ik vind dat we er dan wel degelijk over gaan, dat is de kracht van de diverse raden in Rivierenland! We moeten ervoor waken dat we de waarde van besturen hoger aanslaan dan de waarde van een goed proces en democratie. Ik denk dat we recent geleerd hebben dat Nederland dat zat is.